Achterhoekers hebben de beste sociale netwerken van Gelderland. Ze zijn veel lid van verenigingen en hebben goed contact met hun buren. Dat blijkt uit de monitor die we lieten maken om een beeld te krijgen van de sociale samenhang in Gelderland. In het onderzoek (PDF 7,8 MB) is onder andere gekeken naar de contacten van Gelderlanders met buren, familie en vrienden en hoe gelukkig mensen zijn. Conclusie: het gaat hier in Gelderland best goed!

Sociaal actief

Veel Gelderlanders zijn sociaal actief. Bijna 7 van de 10 inwoners is lid van een vereniging. De Achterhoek spant de kroon; 75% van de Achterhoekers zit bij een sport of andere vereniging. Gelderlanders zijn ook behulpzaam naar elkaar. Meer dan de helft helpt de buren weleens. Achterhoekers doen dat wederom het meest; 62% helpt hun buren. Volgens de onderzoekers heeft die piek waarschijnlijk te maken met het typisch Achterhoekse noaberschap.

Achterhoek met FoodValley meest vooruitstrevend

En de Achterhoek mag dan soms een wat ouderwets imago hebben, maar samen met mensen uit FoodValley zijn Achterhoekers het meest vooruitstrevend van alle Gelderse regio's. Daarbij zijn ze ook nog eens het meest zelfredzaam.

Stad en platteland

Naast verschillen per regio, zie je ook duidelijk onderscheid tussen stad en platteland. Op het platteland hebben mensen meer saamhorigheidsgevoel dan in de stad. Daarnaast doen stedelingen vaker een beroep op vrienden of familie dan op hun buren.

Genoeg te verbeteren

Ondanks de positieve resultaten valt er ook nog genoeg te verbeteren. Gelderlanders voelen zich gelukkig, maar minder gelukkig dan het Nederlands gemiddelde. Ook voelt 4 op de 10 Gelderlanders zich wel eens eenzaam. 'Maar met de sociale cohesie gaat het goed,’ concludeert gedeputeerde Bea Schouten. ‘Regio’s kunnen van elkaar leren, Achterhoekers hebben het beste netwerk en in Nijmegen hebben mensen het meest vertrouwen in elkaar. Beide zijn belangrijk voor cohesie.'

Samen sta je sterker

De monitor is bedoeld als nulmeting voor het provinciale programma leefbaarheid. Schouten gaat hem bespreken met de regio’s om te kijken wat daar beter kan. Schouten: ‘We willen Gelderland een nog fijnere provincie maken om in te wonen en onderlinge samenhang is daarbij belangrijk. Mensen weten vaak zelf heel goed wat daarvoor nodig is, daarom helpen we ze met activiteiten die bij hen in de buurt de sociale verbondenheid beter maakt.’

Toektoek voor Berg en Dal

Om dit te doen, werd een subsidieregeling gelanceerd en de Leefbaarheidsalliantie Gelderland opgericht. Die club helpt mensen van een idee een plan te maken en dit uit te voeren. Een mooi voorbeeld is de toektoek in Berg en Dal. Het dorpshuis daar organiseert allerlei activiteiten, maar veel ouderen kunnen er moeilijk komen. Zij wonen in het dal en het dorpshuis staat op de berg. Marianne Zweers en Marike Sunnen wilden helpen. Als ze de ouderen nou eens rond konden rijden? Een mooi idee, maar daar hadden ze wel een voertuig voor nodig. Dat hebben ze mede van de provincie gekregen. Sinds kort rijden vrijwilligers in Berg en Dal ouderen rond in een elektrische toektoek. De toektoek is belangrijk voor het dorp. ‘Er wordt al fors gebruik van gemaakt.’ vertelt Marianne Zweers. ‘Het is meer dan van A naar B komen, er zijn ook allemaal gesprekken in de toektoek. Mensen die alleen zijn, komen nu ook hun huis uit.’

Nu de steden nog

Sinds begin dit jaar zijn door het programma leefbaarheid bijna 30 initiatieven mogelijk gemaakt. Schouten is daar blij mee, maar heeft wel een zorg: ‘Veel initiatieven komen uit dorpen, terwijl ook in de steden nog genoeg te doen is. Dat blijkt ook weer uit deze monitor.’ De leefbaarheidsalliantie gaat daarom kijken hoe ze ook in steden meer activiteiten van de grond krijgen. 
 
 
Voor de monitor Sociale samenhang in Gelderland ondervroeg bureau PON 3600 Gelderlanders, verspreid over alle regio's.